Aangepast regime voor afvalverwerking wegens COVID-19-crisis

Hoewel de afvalbranche tot een sector van vitaal belang is bestempeld in relatie tot de coronavirusmaatregelen die de overheid heeft getroffen, gaat de door het virus ontstane crisis niet aan de afvalbranche voorbij. De getroffen maatregelen kunnen van invloed zijn op inzamelen, vervoer en verwerken van afvalstoffen. Het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) heeft daarom het beleid voor afvalbeheer, dat gedetailleerd is opgenomen in het uitvoerige Landelijk Afvalbeheerplan (LAP), op bepaalde punten tijdelijk versoepeld.

De overheid ziet in dat door het wegvallen van reguliere verwerkingsmogelijkheden in het buitenland problemen kunnen ontstaan bij de verwerking van specifieke afvalstromen. Voor de zogeheten PMD-stroom (Plastic of Metalen verpakkingen en Drinkpakken) geldt bijvoorbeeld dat de kans groot is dat de vraag naar recyclaat weg gaat vallen, waardoor sorteerders niets meer kwijt kunnen. Ook kan het voorkomen dat, ten gevolge van de crisis, het aanbod van bepaalde afvalstoffen de beschikbare verwerkingscapaciteit overstijgt. Dit kan zich bijvoorbeeld voordoen bij afvalstoffen afkomstig van zorg voor (potentieel) met COVID-19 besmette personen. In deze situatie kan het voorkomen dat andere vormen van afvalverwerking dan de minimumstandaarden die worden voorgeschreven in het LAP noodzakelijk worden. In geval van een calamiteit biedt het LAP aan het bevoegd gezag de mogelijkheid om af te wijken van de minimumstandaard zonder de officiële afwijkingsprocedure van het LAP te volgen. De COVID-19-crisis wordt opgevat als zo’n calamiteit.

Calamiteitenregeling

Het Ministerie van IenW heeft een notitie gepubliceerd, waarin wordt uitgelegd dat tijdens de crisis (tot uiterlijk 1 september 2020) op basis van de calamiteitenregeling kan worden afgeweken van de in het LAP voorgeschreven verwerkingswijze als acuut een oplossing noodzakelijk is om dat verwerking in lijn met het LAP niet mogelijk is in Nederland en tijdelijke opslag, gelet op de aard van de afvalstoffen evenmin een optie is. Betrokken bedrijven moeten in die omstandigheden bij het bevoegd gezag voldoende aannemelijk maken dat als gevolg van de COVID-19 crisis de gebruikelijke verwerking van de afvalstoffen tijdelijk niet meer mogelijk is. Het bevoegd gezag kan navraag doen bij de Vereniging Afvalbedrijven om zeker te stellen dat niet elders in Nederland nog verwerking in lijn met de minimumstandaard uit het LAP mogelijk is.

Tijdelijke opslag ligt volgens het Ministerie niet voor de hand voor stinkende, ongedierte-aantrekkende, reactieve afvalstoffen zoals bijvoorbeeld gft-afval, PMD, dierlijk afval, specifiek ziekenhuisafval, inclusief afvalstoffen afkomstig van zorg voor (potentieel) met COVID-19 besmette personen, en swill. Voor inerte afvalstoffen die voor langere tijd kunnen worden opgeslagen zonder dat dit latere verwerking benadeelt zoals papier en glas, is dat wel een te overwegen optie. Als opslagvoorzieningen moeten worden uitgebreid buiten de bestaande vergunning om, is wel instemming van het bevoegd gezag vereist.

Mededeling volstaat bij afwijken

Voor een afwijking van het LAP op basis van de calamiteitenregeling hoeft het bevoegd gezag niet de gebruikelijke afwijkingsprocedure te doorlopen en treedt er geen onnodig tijdverlies op. Met een digitaal toegezonden, ondertekende mededeling van bevoegd gezag aan de Minister van IenW kan de afwijking worden geregeld. In deze mededeling moet het bevoegd gezag wel motiveren waarom het wil afwijken en informatie verstreken over de aard en hoeveelheid van het afval, de specifieke afwijking en de duur ervan. Het belang van milieuhygiëne, mogelijke lokale effecten en inpasbaarheid mag daarbij niet uit het oog worden verloren.

Vragen?

Heeft u vragen over de gevolgen van de COVID-19-crisis voor het juridische regime voor inzameling, vervoer en verwerking van afvalstoffen? Neem dan contact op met Ron Laan via r.laan@vandiepen.com. Hij is advocaat bij Van Diepen Van der Kroef Advocaten in Hoorn en gespecialiseerd in (inter)nationaal afvalstoffenrecht.