Axel Hagedorn: Stop met onnodig doorrekenen verkiezingsprogramma’s

Het Centraal Planbureau CPB moet stoppen met het zinloze doorrekenen van de verkiezingsprogramma’s. Hoewel het dikke rapport op het eerste gezicht een interessante graadmeter lijkt voor de kiezer, presenteert het bureau vooral schijnfeiten, betoogt bijzonder hoogleraar Duits-Nederlandse rechtsbetrekkingen Axel Hagedorn.

De Tweede Kamerverkiezingen komen er weer aan en dus heeft het CPB de verkiezingsprogramma’s van de politieke partijen weer doorgerekend. Ik vind dat altijd interessant, want in Duitsland kennen we een dergelijke traditie niet.

In Nederland komen de uitkomsten van dergelijke doorrekeningen dikwijls slechts summier in de kranten terug. Al vaak verbaasde het mij hoe de koopkracht van (bijna) iedereen er iedere keer op vooruit zou gaan. Dit is een soort standaard positieve boodschap, waar ik eigenlijk nooit veel vertrouwen in heb.

Daarom ben ik nu maar eens dieper in de doorrekeningen gedoken en dan in bijzonder die van de verkiezingsprogramma’s, genaamd ‘Keuzes in Kaart 2018-2021‘. Dit jaar is het trouwens al de 9e keer dat een dergelijke berekening heeft plaatsgevonden en het gaat om de zittende politieke partijen in de Tweede Kamer.

Maar ook de politieke partijen die meedoen aan de verkiezingen op 15 maart krijgen de gelegenheid om hun verkiezingsprogramma’s door te laten rekenen. Dit jaar hebben 11 partijen dat laten doen.

Voor wie eigenlijk?
Eerlijkheidshalve begrijp ik niet voor wie deze rapporten eigenlijk worden gemaakt. In de laatste editie van ‘Keuzes in Kaart 2013-2017‘ werd in het voorwoord aan de behoefte van de maatschappij gerefereerd. Zij moeten goede informatie krijgen.

Deze passage is dit jaar niet opgenomen. Sterker nog, er staat helemaal geen doelstelling in het voorwoord en er wordt ook niemand genoemd die baat bij zou hebben. Het lijkt me overigens sterk dat de gemiddelde burger de 374 pagina’s aan doorrekeningen van beleidsplannen leest voordat hij of zij naar de stembus stapt.

Wie daarna verder kijkt en ook nog de verkiezingsprogramma’s doorneemt, heeft nog een dozijn aan ‘korte romans’ te lezen. Veel programma’s van de grote partijen hebben een omvang van circa 100 pagina’s. Slechts een paar politieke partijen kunnen het af met minder dan 50 pagina’s.

Bijvoorbeeld 50PLUS heeft 18 pagina’s aan beleidsplannen. Bij ‘eenmanspartij’ PVV van Geert Wilders past het hele verkiezingsprogramma zelfs op één A4-tje. Het zal u dan ook niet verbazen dat het CPB er voor heeft gekozen om dit jaar het programma van de PVV niet door te rekenen.

Grote vraagtekens
De onwaarschijnlijkheid dat de stemmers het rapport zullen lezen en de hoeveelheid informatie die de politieke partijen zelf uitbrengen, roepen grote vraagtekens op over hoe nuttig de CPB-doorrekening van 374 pagina’s is. Zeker wanneer de nu grootste partij in de peilingen niet eens wordt doorgelicht.

Ik merk ook nergens verontrusting onder PVV-kiezers dat zij graag de doorrekeningen van het A4-tje willen zien. Kennelijk is dat niet van belang voor hun stemkeuze. Als de AOW-leeftijd naar 65 jaar moet, is dit een cadeautje aan de kiezer die deze graag aanneemt. Het draait om emoties en het gaat om politieke boodschappen.

Economische gevolgen
In het vorige rapport, Keuzes in Kaart van 2013-2017, werd de PVV wel doorgerekend. Wanneer je in dat rapport van meer dan 450 pagina’s duikt, kom je er achter dat de islamofobe standpunten van Wilders en de PVV geen enkele rol spelen bij de doorrekening.

Dit verbaasde mij omdat ik ervan uitga dat onder een premier Wilders tenminste de sociaal maatschappelijke onrust zal toenemen tussen bevolkingsgroepen en dit zeker een effect zal hebben op economische verhoudingen en de overheidsbegroting. Ook het antwoord op de vraag of Wilders op een ‘Nexit’ zou aansturen, zou toch op z’n minst enkele economische gevolgen kunnen hebben.

Kortom: waarvoor hebben wij dan deze doorrekening nodig? Ik geloof ook niet dat leden van de andere partijen dit lijvige rapport lezen, op misschien een enkeling na. Alles wordt in de media teruggebracht tot een kort aandachtspunt voor slechts een detail uit de samenvatting van het rapport.

Schijnfeiten
Daarbij speelt ook een rol dat het CPB, zoals ze zelf aangeven, vereenvoudigde modellen gebruikt. Vooraf is dus al een keuze gemaakt over de waardering van verschillende standpunten. In deze editie van Keuzes in Kaart zijn volgens het CPB 1.165 stellingen van de diverse partijen doorgerekend. Dit zijn gemiddeld meer dan 100 standpunten per partij.

Als leek vraag ik mij af of je serieus zoveel diverse standpunten consequent kunt doorrekenen. Het zijn mijns inziens schijnfeiten. Het CPB creëert de indruk alsof het mogelijk zou zijn dermate veel standpunten te kunnen doorrekenen.

Onmogelijk om door te rekenen
Ik neem nu al een voorschot op de volgende editie omdat te verwachten is dat 50PLUS zetels scoort in de komende Tweede Kamer. De seniorenpartij heeft 15 belangrijke punten in hun verkiezingsprogramma opgenomen.

Eén korte is: ‘Er komen meer politiebureaus en wijkagenten’. Hoe reken je dit door? Over hoeveel politiebureaus en hoeveel wijkagenten hebben we het? Of: ‘Stop het gesol met de thuiszorg, meer erkenning en geld voor medewerkers in de thuiszorg’ en ‘Stop alle bezuinigingen op zorg voor ouderen’. Mijns inziens standpunten die vooraf op geen enkele objectieve waarde door te rekenen zijn.

Nu denkt u vast ‘dat zien we wel’ en daarom nog een voorbeeld van GroenLinks uit het huidige verkiezingsprogramma. GroenLinks stelt onder punt 13 van hun verkiezingsprogramma:

‘Met het investeringsplan voor openbaar vervoer maken we reizen sneller, gemakkelijker en schoner. Er komt extra treincapaciteit en het onderhoud van spoor en treinen wordt verbeterd. In steden komen meer metro’s, trams en elektrische bussen.’

Hoe ga je dat doorrekenen zonder concrete aanwijzingen? Welke steden worden bedoeld? En hoeveel metro’s, trams en elektrische bussen krijgen deze steden?

Het draait om emoties, niet om cijfers
Hierdoor twijfel ik aan de methodiek en de feitelijke mogelijkheid om verkiezingsprogramma’s door te kunnen rekenen. Het gaat om politiek, het gaat om de emotie van de burger die op een partij gaat stemmen waar hij zich emotioneel het meest bij thuis voelt. Niet om de cijfers van het CPB.

Bovendien vindt de doorrekening plaats op de veronderstelling dat de partij alle ingenomen standpunten zou kunnen doorzetten. Reden genoeg om af te haken, toch?

Als je enigszins de peilingen mag geloven – wat ik trouwens als ervaringsdeskundige niet doe – dan ligt het, zonder helderziend te hoeven zijn, in de verwachting dat wij een kabinet van tenminste drie partijen kunnen verwachten. Alle partijen moeten dus de wensen uit hun verkiezingsprogramma in een eventuele coalitie bijstellen. Wat is dan nog het nut van het dikke CPB-rapport?

Stop ermee!
Het CPB moet daarom stoppen met het zinloze doorrekenen van de verkiezingsprogramma’s. Het Centraal Planbureau kan zijn capaciteiten veel nuttiger inzetten door bijvoorbeeld serieus onderzoek te doen naar de gevolgen van een Nexit. Een plan waar, als je het interview met Sybrand Haersma Buma in het FD van deze week mag geloven, nu zelfs het CDA stiekem op afkoerst.

Deze column is geschreven voor Duitslandnieuws.nl door Axel Hagedorn, advocaat ondernemingsrecht en Duitse Rechtsanwalt bij Van Diepen Van der Kroef Advocaten in Amsterdam. Hagedorn is ook hoogleraar Duits-Nederlandse rechtsbetrekkingen aan de Universiteit van Amsterdam.