Axel Hagedorn: Boerkaverbod creëert valse verwachtingen

Al een tijd lang speelt in Duitsland de discussie omtrent een zogenaamd boerkaverbod. Hoogleraar Duits-Nederlandse rechtsbetrekkingen en advocaat Axel Hagedorn bespreekt de juridische voors en tegens van een verbod en hoe de Duitse wetgeving naar de kwestie kijkt.

In feite gaat het niet zo zeer om een specifiek boerkaverbod, maar om de vraag of vrouwen hun gezicht mogen bedekken. Vaak wordt over een boerka gesproken terwijl eigenlijk een niqaab wordt bedoeld. De boerka bestaat uit één stuk stof en bedekt het hele lichaam inclusief het gezicht. Een boerka is in Duitsland en Nederland een zeer zeldzaam fenomeen, meestal bedoelen mensen de niqaab, waarmee alleen het gezicht wordt bedekt door een hoofddoek. Bij de niqaab zijn de ogen van de vrouw nog te zien, terwijl de ogen bij de boerka achter een gaasje worden verschuild.

De Duitse CDU-ministers van Binnenlandse Zaken van de deelstaten hebben kort geleden besloten dat niet een algeheel boerkaverbod zal gelden, maar dat zij een gebod om het gezicht te tonen willen invoeren. Als vrouwen hieraan niet voldoen, kunnen zij met een geldboete worden bekeurd. Dit gebod zal bij publieke instellingen, in het verkeer of bij demonstraties, maar ook bij rechtbanken van toepassing zijn.

Onder druk AfD
Dat de CDU op dit moment met een dergelijk besluit komt, is volledig te wijten aan de verkiezingen in Mecklenburg-Voor-Pommeren alwaar de CDU in de peilingen nog amper voor de Alternative für Deutschland (AFD) staat. Het is vooral een politiek statement waarvan nog moet blijken of het juridisch haalbaar is en of het praktisch nut heeft.

In 2010 heeft de wetenschappelijke dienst van de Duitse Bondsdag een uitgebreide analyse geschreven [pdf] omtrent de vraag of een boerkaverbod grondwettelijk is toegestaan. De toenmalige conclusie was dat een algeheel boerkaverbod niet is toegestaan. Een verbod zou daarom slechts in enkele concrete gevallen toepasbaar zijn. Wie een genuanceerde juridische analyse waardeert omtrent dit spraakmakende onderwerp, zou dit stuk moeten lezen.

Onbeperkte vrijheid van religie
Men dient te weten dat de vrijheid van religie, zoals vastgelegd in artikel 4 van de Duitse grondwet, in principe onbeperkt is. Andere grondrechten, zoals de vrijheid van meningsuiting of het recht van vergadering, kunnen volgens de grondwet door eenvoudige wetgeving worden beperkt. Dit betekent dat de vrijheid van religie alleen in gevallen kan worden beperkt waarbij andere grondrechten worden aangetast. In ieder enkel geval dient een afweging plaats te vinden tussen de twee grondrechten die in het geding zijn. Daarom is een algeheel verbod op de boerka of de niqaab grondwettelijk niet te rechtvaardigen als de vrouwen deze kledingstukken dragen omdat zij ze als religieus bindend ervaren.

Het Duitse constitutionele hof heeft al eerder geoordeeld dat in een vrije en tolerante maatschappij niemand het recht heeft om van religieuze invloeden te worden afgeschermd. Men moet ook onaangename of aanstootgevende religieuze uitingen dulden.
Daarmee komt een gebod om het gezicht te tonen alleen in uitzonderlijke gevallen in aanmerking. Dit is al van toepassing voor mensen die bij de overheid werken zoals bijvoorbeeld ambtenaren of leraren.

Boerka in het verkeer en rechtbank
Ook in het verkeer is dit voor bestuurders van auto’s mijns inziens zeker te rechtvaardigen. Alleen al het risico dat je niet alles goed kunt zien, is in mijn ogen voldoende reden om het gezicht vrij te laten van ‘zichtbeperkende’ kledij. Ook indien een vrouw als getuige bij de rechtbank moet verschijnen, is dit mijns inziens te rechtvaardigen, omdat je ook het gezicht van de getuige moet kunnen zien en gezichtsuitdrukkingen moet kunnen meenemen bij de beoordeling van de getuigenverklaring.

Veel problematischer is het of je in ieder openbaar gebouw een verbod op een boerka of niqaab mag opleggen. Men is het er over eens dat veiligheidsaspecten niet kunnen worden aangevoerd aangezien er in Europa (nog) geen aanslagen bekend zijn waarbij een boerka of niqaab een rol hebben gespeeld.

Praktische problemen
Voorstanders van het verbod hameren vooral op het onderdrukkende karakter van de boerka en de niqaab. Tegenstanders zoals de door de Duitse regering aangestelde commissaris voor integratie van de SPD, Aydan Özoguz, vrezen dat dit er alleen toe gaat leiden dat deze vrouwen het huis nog minder uitkomen en daarom de toegang tot deze vrouwen nog moeilijker wordt.

Andere critici zien geen noodzakelijkheid om voor een heel kleine groep mensen (het aantal boerka of niqaab draagsters in Duitsland is niet eens bekend) een algeheel verbod te regelen en zien vooral praktische problemen. Bij het opstellen van de wet mag namelijk niet uitdrukkelijk alleen maar aan boerka’s of niqaab’s worden gerefereerd, maar de wetgeving moet juist in algemene bewoordingen worden opgesteld en op alle mogelijke soortgelijke vermommende kledingstukken van toepassing zijn.

Duitsland oordeelt anders dan Frankrijk
Voorstanders van het verbod halen ook de uitspraak van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens hierover in Frankrijk aan, waarin is geoordeeld dat het boerkaverbod door de Franse regering mocht worden ingesteld. De redenering was er op gericht dat Frankrijk vrij is om dit te regelen en de beperkingen van de vrijheid van religie dermate klein zijn (een boete van hooguit 150 euro) dat de ingreep te tolereren valt.

Minder bekend is dat twee vrouwelijke rechters van het Hof een afwijkende mening hebben kenbaar gemaakt, waaronder het Duitse lid van het Europese Hof. Deze uitspraak is voor Duitsland minder relevant omdat de Duitse grondwet eigen regels kent en het Constitutionele Hof zal daarom ook zeer kritisch naar de beoogde wetgeving kijken als een zaak wordt voorgedragen, hetgeen mij zeker lijkt.

Daarbij zal ook een rol spelen hoe het boerkaverbod in Frankrijk heeft uitgewerkt. Voor zover ik heb begrepen worden boetes doorgaans betaald door islamitische verenigingen en heeft het verbod, als het überhaupt wordt gehandhaafd, ook daarom geen positief effect.

Ook de uitspraak van de Franse Raad van State van afgelopen week waarin het boerkiniverbod voorlopig ongeldig werd verklaard, zal door het Duitse Constitutionele Hof bekeken worden. Volgens de Franse Raad van State druist het boerkiniverbod in tegen een moderne en seculiere islam.

Wees voorzichtig met strafrecht
Ik vraag me daarnaast wel af wat er gebeurt als een Saoedisch sjeik met zijn niqaab dragende vrouwen een suite in een 5-sterren hotel in München gaat boeken. Normaliter zijn deze sjeiks graag geziene gasten want zij kopen veel en Duitsland doet nogal veel zaken met Saoedie-Arabië, waaronder belangrijke wapendeals. In het openbaar zal de beoogde wetgeving amper effect sorteren. Daarom geloof ik dat een boerkaverbod, voor zover dit in voornoemde gevallen mogelijk is, weinig invloed zal hebben op het straatbeeld en daarom gaat het de voorstanders vaak wel.

In Frankrijk gaat men van 2.000 boerka- of niqaabdraagsters uit. Als dit in Duitsland überhaupt het geval zou zijn, vraag ik me wel af of dergelijke wetgeving in relatie tot het probleem staat. Onze westerse normen en waarden moet je verdedigen, maar met het strafrecht moet je bij een ideeënstrijd heel voorzichtig zijn omdat het slachtoffers of beter martelaars creëert. Voorkom je echt onderdrukking of maak je de onderdrukking en afhankelijkheid van deze vrouwen niet alleen maar groter?

Wettelijke intolerantie
Daarnaast wordt met dergelijke wetgeving ook intolerantie tegenover bepaalde groepen wettelijk geregeld en denk ik dat het juist tot meer intolerantie zal leiden op alle mogelijke fronten. Het initiatief van de CDU-ministers is symboolpolitiek en creëert daarom alleen maar valse verwachtingen.

Deze column is geschreven voor Duitslandnieuws.nl door Axel Hagedorn, advocaat ondernemingsrecht en Duitse Rechtsanwalt bij Van Diepen Van der Kroef Advocaten in Amsterdam. Hagedorn is ook hoogleraar Duits-Nederlandse rechtsbetrekkingen aan de Universiteit van Amsterdam.