Ruikend naar alcohol op het werk verschijnen geen grond voor ontslag op staande voet

De sanctie op het gedrag is niet duidelijk in het bedrijfsbeleid, bovendien wegen omstandigheden mee.

Werknemer is bij BOYS in dienst als warehouseman. Onderdeel van zijn werkzaamheden is op de werf rijden met een vorkheftruck. Binnen BOYS -en de Allseas Groep waar BOYS toe behoort- gelden verschillende reglementen, waaronder de ‘corporate drug and alcohol policy’. Kort nadat werknemer op vrijdag 14 juni 2013 op het werk verscheen, constateerde zijn leidinggevende dat werknemer een alcohollucht verspreidt. Werknemer ondergaat een blaastest en wordt naar huis gestuurd. Werknemer zendt vanuit huis een e-mail met excuses.

Ontslag op staande voet

BOYS ontslaat werknemer diezelfde dag nog op staande voet. Na het ontslag is werknemer opgenomen op een klinische afdeling van BoumanGGZ. Er is sprake van psychische problemen. In eerste aanleg heeft de kantonrechter het ontslag op staande voet nietig geoordeeld. BOYS tekent spoedappel aan. Het hof oordeelt dat de policy van BOYS bepaalt dat de werknemer, die niet ‘free from the adverse effects of alcohol’ op het werk verschijnt ‘(…) may be subject to disciplinary action’. BOYS heeft vervolgens onvoldoende gemotiveerd dat werknemer wist dat hij een ontslag op staande voet kon verwachten bij het onder invloed van alcohol op het werk verschijnen.

Te zware sanctie

Waarom BOYS heeft gekozen voor de zwaarst mogelijke sanctie, heeft zij in dit kort geding niet voor het voetlicht kunnen krijgen. De kantonrechter heeft volgens het hof wel meegewogen dat op het werk een gevaarlijke situatie had kunnen ontstaan. Bovendien had de raadsman ter zitting gesteld dat ‘mag ik een vrij dag?’ acceptabel had gevonden. In dat licht is te kiezen voor ultimum remedium een stap te ver.

Dit artikel is geschreven door de sectie Arbeidsrecht van de Utrechtse vestiging van Van Diepen Van der Kroef en het verscheen ook als signalering in het Tijdschrift Arbeidsrecht Praktijk, editie 3, 2014