Nieuwe regels prospectussen

Het aanbieden van effecten aan het publiek en het doen toelaten daarvan tot de handel op een in Nederland gelegen of functionerende gereglementeerde markt is verboden, tenzij een prospectus algemeen verkrijgbaar en goedgekeurd is door de Nederlandse toezichthouder, de Autoriteit Financiële Markten (“AFM”). Een prospectus heeft het doel de belegger te informeren over het effect waarin hij overweegt te beleggen. In het kader van de harmonisering van de financiële markten in de Europese Unie zijn de regels voor prospectussen op 1 juli 2012 wederom gewijzigd.

Sinds 1 januari 2012 geldt al, dat geen prospectus verplicht is, indien de nominale waarde per effect tenminste EUR 100.000 bedraagt of de aangeboden effecten slechts kunnen verkregen tegen een tegenwaarde van tenminste EUR 100.000. Voordien lag de grens op EUR 50.000.

Met ingang van 1 juli 2012 zijn nieuwe wijzigingen van de prospectusregels van kracht geworden. Een belangrijke nieuwe wijziging betreft de verhoging van het aantal personen waaraan – zonder prospectus – effecten kunnen worden aangeboden, van 100 naar 150 personen. Binnen een groep van die omvang mogen effecten zonder prospectus worden aangeboden.

Nieuw is ook de verplichting om het prospectus elektronisch te publiceren, bijvoorbeeld door plaatsing op de website van de betreffende instelling. Daarmee wordt beoogd het prospectus voor beleggers toegankelijker te maken.

Ook de eisen die worden gesteld aan de samenvatting en de basisvoorwaarden van het prospectus wijzigen, zodat beleggers beter worden geïnformeerd over de in het prospectus beschreven effecten.

Hoewel de Europese wetgeving ondernemingen de mogelijkheid biedt om zonder prospectus tot een bedrag van EUR 5 miljoen kapitaal aan te trekken (door effecten uit te geven), blijft in Nederland de vrijstellingsgrens van EUR 2,5 miljoen gelden. Die grens geldt per categorie van effecten, zodat het mogelijk is om EUR 2,5 miljoen aan kapitaal aan te trekken door het uitgeven van aandelen en nog eens EUR 2,5 miljoen door het uitgeven van obligaties. Een onderneming die gebruik maakt van deze vrijstelling, dient dat in reclame-uitingen te vermelden.

Het wetsvoorstel bevat verder nog diverse wijzigingen van de regelgeving, die – vanwege de beperkte omvang van dit artikel – hier niet worden besproken.