Vrijstellingsgrens voor het aanbieden van beleggingen verhoogd

Als gevolg van de recente fraudegevallen bij beleggingsinstellingen heeft de Tweede Kamer de bescherming van niet-professionele beleggers willen verbeteren. Per 1 januari 2012 zijn daarom de regels voor beleggingsaanbiedingen gewijzigd. Aanbieders die voorheen niet vergunningplichtig waren, kunnen dit nu wel zijn.

Voorheen was er geen vergunning vereist voor het aanbieden van deelnemingsrechten in beleggingsinstellingen en beleggingsobjecten van ten minste EUR 50.000. De gedachte van de wetgever hierachter was dat beleggingen met een dergelijke waarde in het algemeen zullen worden gekocht door beleggers waarvan mag worden verondersteld dat zij voldoende deskundig en professioneel zijn om zich een behoorlijk inzicht te kunnen vormen van de aard van de aangeboden beleggingen. Inmiddels is wel gebleken dat dat niet per se het geval is. Beleggingsinstellingen die niet onder toezicht van de Autoriteit Financiële Markten (“AFM”) stonden zoals Palm Invest en Terra Vitalis, boden met succes beleggingen aan van ten minste EUR 50.000 aan die uiteindelijk allerminst een goede investering zijn gebleken. Door de grens te verhogen van EUR 50.000 tot EUR 100.000 hoopt de wetgever een betere bescherming aan de niet-professionele beleggers te bieden.

De verhoging van de vrijstellingsgrens tot 100.000 euro geldt zowel voor het aanbieden van beleggingsobjecten, zoals participaties en teakhout of geïndividualiseerd vastgoed, zoals een bungalow in een bungalowpark, als voor het aanbieden van deelnemingen in beleggingsinstellingen. Vanaf 1 januari 2012 vallen alle aanbiedingen van beleggingsobjecten en deelnemingsrechten in beleggingsfondsen met een minimaal bedrag van minder dan EUR 100.000 onder het toezicht van de AFM. Aanbieders die vóór 1 januari 2012 aanbiedingen tussen de EUR 50.000 en EUR 100.000 hebben gedaan die hebben geleid tot een belegging die door de aanbieder zelf wordt beheerd en/of uitgevoerd, zijn alsnog vergunningplichtig geworden.

Aanbieders van aanbiedingen van deelnemingsrechten die vóór 1 januari 2012 zijn gedaan, blijven tot en met 22 juli 2013 vrijgesteld, mits zij vanaf 1 januari 2012 geen deelnemingsrechten van minder dan EUR 100.000 meer zullen aanbieden.

Aanbieders van vrijgestelde aanbiedingen zijn overigens verplicht om aan de beleggers te melden dat zij niet vergunningplichtig zijn en dus niet onder het toezicht van de AFM vallen. Aanbieders die niet over een vergunning beschikken, handelen in strijd met de wet. De AFM kan met (bestuursrechtelijke) maatregelen tegen deze aanbieders optreden.