Pornobaron

Het is bepaald niet fijn om in de media voor ‘pornobaron’ te worden uitgemaakt. Het overkwam voormalig PVV-Kamerlid James Sharpe vorig jaar in het programma PowNews, nadat bleek dat het bedrijf waarvan Sharpe CEO was twee keer een boete was opgelegd door de “Hongaarse NMA” in verband met ‘onregelmatigheden’ rond het aanbieden van erotische SMS-dating diensten. Kort na de ophef die dit bericht veroorzaakte, stapte Sharpe op als Kamerlid.

Het lukt Sharpe sindsdien maar moeilijk om zich te ontdoen van de bijnaam ‘pornobaron’. Sharpe diende vorig jaar een klacht in bij de Raad voor Journalistiek onder meer tegen de website geenstijl.nl. De Raad oordeelde dat sprake was van zodanig diffamerende beschuldigingen, dat deze niet zonder deugdelijke grondslag hadden mogen worden gepubliceerd. De Raad vond dat de grenzen waren overschreden van hetgeen maatschappelijk aanvaardbaar is.

Sindsdien is de publiciteit rondom de persoon Sharpe geluwd. Althans tot april van dit jaar, toen sprake was dat Sharpe mogelijk zijn intrede in de Tweede kamer zou doen. In een tweetal artikelen op internetkrant Spitsnieuws werd Sharpe wederom aangeduid als ‘pornobaron’ en ‘koning van de online porno’. Sharpe sommeerde Spitsnieuws om deze woorden niet meer ten aanzien van hem te gebruiken en de artikelen te rectificeren. Spitsnieuws weigerde en Sharpe stapte naar de rechter.

In een geval als de onderhavige is sprake van een belangenafweging. Uitgangspunt is het grondrecht op de vrijheid van meningsuiting. Dit recht kan worden beperkt indien dit bij wet is voorzien en indien dit noodzakelijk is, bijvoorbeeld ter bescherming van de goede naam en rechten van een ander. Het is aan de rechter om met inachtneming van alle omstandigheden te beoordelen aan welk van de belangen, die in beginsel gelijkwaardig zijn, de doorslag behoort te worden gegeven.

De voorzieningenrechter stelde Sharpe vorige week in het gelijk en verbiedt Spitsnieuws om Sharpe als ‘pornobaron’ en ‘koning van de online porno’ aan te duiden. Goed nieuws voor Sharpe, maar de rechter wees de vordering om een rectificatie af omdat dit in de gegeven omstandigheden niet proportioneel wordt geacht. Ook de gevorderde schadevergoeding is afgewezen, omdat de hoogte van de schade op dit moment niet vaststaat en de schade ook niet door Sharpe was geconcretiseerd.

Het is vaak beter om niet op te treden tegen tendentieuze artikelen. De vraag is dan ook of Sharpe iets is opgeschoten. Deze rechtszaak heeft immers tot gevolg dat het onderwerp opnieuw aandacht krijgt in de media, iets wat je als benadeelde nu juist niet wilt. Bovendien blijft het toegestaan om te melden dat Sharpe in de media in verband is gebracht met pornografie, zolang hij persoonlijk maar niet voor ‘pornobaron’ wordt uitgemaakt. De overwinning van Sharpe lijkt dan ook eerder op een Pyrrusoverwinning.