Geen pro rato berekening bonus

Werkneemster vordert van werkgever bonus. Geen pro rato berekening.

Feiten
Werkneemster is sinds 1 januari 2005 in dienst en heeft per 1 oktober 2008 zelf de arbeidsovereenkomst opgezegd. Werkgever heeft per die datum een eindafrekening opgesteld. Met betrekking tot deze eindafrekening is tussen werkgever en werkneemster (een salesconsultant) onder andere een discussie ontstaan over de toe te kennen bonus aan werkneemster.

In de arbeidsovereenkomst is overeengekomen dat werkneemster naast het reguliere loon recht kan hebben op een bonus. Het bonusreglement kent een bonus die afhankelijk wordt gesteld van de door werkneemster behaalde omzet per kwartaal en per jaar. Jaarlijks worden de targets en de percentages hiervoor vastgesteld. De targets verschillen per kwartaal omdat zij gebaseerd zijn op de historische ervaringen van werkgever met betrekking tot de omzet. De kwartaalbonus wordt per kwartaal uitgekeerd. Indien werkneemster een kwartaaltarget niet haalt en dus ook geen recht heeft op de kwartaalbonus kan dit alsnog worden goedgemaakt door het behalen van de jaartarget. Het doel van de jaarbonus is om minder goede kwartalen goed te maken. Werkneemster heeft dan ook enkel recht op een jaarbonus indien zij niet ieder kwartaal een bonus heeft ontvangen, maar wel de jaartarget heeft behaald. Ingevolge het bonusreglement kan werkneemster naast de gewone bonussen (kwartaalbonussen en jaarbonus) in aanmerking komen voor een jaaraccelerator (“versneller”), wanneer zij meer dan de jaartarget heeft omgezet.

Voorts is in artikel 1.b van het bonusreglement opgenomen dat een salesconsultant aanspraak kan maken op een bonus over de omzet die daadwerkelijk door de salesconsultant is gerealiseerd.

Partijen zijn het eens over de gerealiseerde omzet door werkneemster in het eerste en derde kwartaal. In het eerste kwartaal is er geen bonus verdiend, terwijl in het derde kwartaal de volledige bonus is behaald. De omzet en de daarmee gepaard gaande bonus voor het tweede kwartaal is een discussiepunt. Ook is er discussie over de jaarbonus en de versneller.

Werkneemster vordert van werkgever de bonus van het tweede kwartaal, de jaarbonus en de versneller.

Standpunt werknemer
Ondanks het feit dat werkneemster in het tweede kwartaal 2,5 maanden volledig respectievelijk gedeeltelijk arbeidsongeschikt is geweest, heeft zij haar kwartaaltarget gehaald en recht op de maximale kwartaalbonus, aldus werkneemster. Het is volgens werkneemster niet juist dat werkgever omzet heeft toegerekend aan collega’s die het werk tijdens haar ziekte in het tweede kwartaal hebben overgenomen. Volgens werkneemster moet ook de jaarbonus naar rato aan haar worden toegekend en heeft zij recht op de bonus voor de versneller. Werkneemster stelt zich daarbij op het standpunt dat het juist en redelijk is om de jaartarget op basis van drie kwartalen vast te stellen en haar een jaarbonus naar rato toe te kennen. Een optelsom van het eerste tot en met het derde kwartaal van de kwartaaltargets brengt met zich mee dat werkneemster € 550.000,– euro om diende te zetten. Werkneemster had naar eigen zeggen € 675.858,– omgezet, waarbij zij de omzet die haar collega’s in het tweede kwartaal bij haar klanten hadden gemaakt, meerekende. Hieruit concludeert werkneemster dat zij de jaartarget wel gehaald zou hebben indien zij in dienst zou zijn gebleven tot en met het vierde kwartaal. Zij hanteert die rekenmethode ook voor de toepassing van de jaarversneller.

Standpunt werkgever
De werkgever stelt zich op het standpunt dat als gevolg van de arbeidsongeschiktheid van werkneemster niet alle omzet in het tweede kwartaal persoonlijk aan haar is toe te rekenen. Collega’s hebben het merendeel van haar werk overgenomen. Desondanks heeft werkgever, ook al was zij daartoe volgens artikel 1.b van het bonusreglement niet verplicht, coulancehalve een groot deel van de omzet toch aan werkneemster toegerekend en een (beperkte) kwartaalbonus toegekend. Derhalve heeft werkgever in voldoende mate rekening gehouden met haar afwezigheid wegens ziekte.

Over de jaarbonus merkt werkgever op, dat de totaal behaalde jaaromzet niet naar rato dient te worden berekend. Dit, omdat geen recht bestaat op een jaarbonus als ieder kwartaal volgens target is gepresteerd. De jaarbonus geldt slechts als een stimulans om voorgaande kwartalen goed te maken. Werkneemster komt daar niet aan toe omdat zij per 1 oktober 2008 uit dienst is getreden en dus geen recht heeft op een jaarbonus. Om dezelfde redenen komt zij niet in aanmerking voor de versneller. Bovendien heeft werkgever over de gewerkte kwartalen reeds een kwartaalbonus verstrekt. De vordering dient afgewezen te worden.

Kantonrechter
De kantonrechter bepaalt dat werkneemster volgens het reglement alleen aanspraak kan maken op een bonus over omzet wanneer die omzet daadwerkelijk door werkneemster is gerealiseerd. In het tweede kwartaal is werkneemster gedurende lange periode arbeidsongeschikt geweest, waardoor andere collega’s delen van haar werk hebben overgenomen. Uit artikel 1b van het bonusreglement volgt dat de omzet niet geheel aan werkneemster is toe te schrijven. Volgens het artikel is er een zekere discretionaire bevoegdheid van de werkgever om desondanks deels de omzet aan werkneemster toe te rekenen. Er bestaat volgens de kantonrechter geen grond om de omzet volledig aan haar toe te rekenen.

Met betrekking tot de stelling van werkneemster dat de jaarbonus naar rato dient te worden toegepast, oordeelt de kantonrechter dat in het reglement geen voorziening is getroffen voor een pro rata berekening. Daarnaast oordeelt de kantonrechter dat er ook geen ruimte is voor een pro rata berekening omdat de te behalen targets per kwartaal verschillen. De werkneemster kan niet op basis van de eerste drie gewerkte kwartalen concluderen dat de te behalen jaaromzet naar rato is gerealiseerd. Dit is temeer zo omdat de target voor het laatste kwartaal veel hoger is dan voor de andere drie kwartalen. Alleen wanneer over het gehele jaar de target is gehaald, kan sprake zijn van een correctie ten aanzien van eerder niet behaalde bonussen. Er is ook geen aanleiding om de versneller toe te passen nu die alleen tot een bonus leidt als de jaaromzet hoger is dan de jaartarget.

De kantonrechter wijst de vordering van werkneemster af. Tegen het vonnis van de kantonrechter is hoger beroep ingesteld.