- Algemeen
- Arbeidsrecht
- Bestuurs- en Milieurecht
- Financieel recht
- Huurrecht en Vastgoed
- Insolventie en herstructurering
- Intellectueel eigendomsrecht, ICT & Media
- Internationaal
- Ondernemingsrecht
- Personen- en familierecht
- Procesrecht
- Productregelgeving en CE-markering
- Sport en Recht
- Vastgoedrecht
- Verbintenissenrecht
- Verzekeringsrecht en aansprakelijkheidsrecht
- Archief
“Haalt de publieke omroep 2016?”
Het omroepbestel heeft in zijn huidige vorm zijn beste tijd gehad en moet op de schop, aldus minister Plasterk van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
Door veranderend kijkgedrag en nieuwe technieken is de huidige wijze van programmering achterhaald. Is het geen tijd voor echte veranderingen?
Uit recent onderzoek van Stichting Kijkonderzoek blijkt dat één op de drie Nederlanders wel eens een televisieprogramma terugkijkt op internet. Door veranderende technieken wordt het voorts makkelijker om een televisieavond samen te stellen, gebaseerd op persoonlijke voorkeuren. Deze ontwikkeling botst met de werkwijze van netmanagers, die bij de publieke omroep verantwoordelijk zijn voor de programmering.
De programmering speelt nu nog een wezenlijke rol. De netmanagers werken bewust aan uitzendschema’s die de kijkers ertoe moeten aanzetten om ook af te stemmen op programma’s waarnaar men anders mogelijk niet zou kijken. Nu de kijker steeds meer in staat is om zelf een televisieavondje samen te stellen, verdwijnt het belang van de programmering en daarmee de rol van de netmanagers.
Er is nog iets anders. De publieke omroep ontvangt ieder jaar de Rijksomroepbijdrage. De inkomsten van de STER zijn daarbij goed voor circa één derde van de Mediabegroting. De reclameblokken zijn voor de tv-kijker echter steeds vaker een zap- of doorspoelmoment en worden nauwelijks bekeken. De STER-inkomsten staan dan ook onder druk. Adverteerders zouden kortingen bedingen tot maar liefst 70 procent. Als de STER-inkomsten verder wegzakken, heeft dit gevolgen voor het huidige financieringsmodel. Er gaan de laatste tijd bovendien steeds meer geluiden op die pleiten voor het (deels) opdoeken van de STER, om zo de unfaire concurrentie met de dagbladpers de kop in te drukken.
Bovendien is de populariteit van televisie de laatste jaren sterk tanende. Zo heeft internet de televisie inmiddels voorbijgestreefd als het populairste medium onder jongeren. Jongeren denken over twintig jaar hun nieuws vooral van internet te halen. Het verder samensmelten van internet en televisie, ook wel convergentie genaamd, zal dit effect versterken. De publieke omroep zal zich meer moeten aanpassen aan deze ontwikkelingen.
Het huidig kabinet zal niets meer aan het publieke omroepbestel veranderen. De keuzes worden overgelaten aan een volgend kabinet. Hebben we dit niet vaker gehoord? De publieke omroep krijgt volgend jaar een nieuwe concessie tot 2016. Wijzigingen zijn pas daarna aan de orde. De minister van OCW in 2016 wil ik nu al iets meegeven. Excellentie, breng het publieke omroepbestel terug tot de essentie! Laat de publieke omroep zich richten op programma’s die anders onvoldoende aandacht zouden krijgen, met een focus op ‘Kunst en Cultuur’ en ‘Nieuws en opinie’. Op programma’s als “Boer zoekt vrouw” en “Spuiten & Slikken” bij de publieke omroep zit ik niet te wachten. Voordeel is ook dat dan geen 20 of meer omroepen nodig zijn. Dan kan de Rijksomroepbijdrage, thans een kleine miljard euro, ook fors naar beneden en dat scheelt de belastingbetaler in de portemonnee.
"Onze advocaten adviseren en ondersteunen."
www.davdigital.com










